Opening Keramiek Triënnale

Locatie

CODA
Vosselmanstraat 299 7311 CL Apeldoorn
Nederland
52° 12' 55.8036" N, 5° 57' 30.3336" E
NL
11 mrt 2018

Gijs Assmann

Openingstekst Keramiek Triënnale 11 maart 2018

 

Beste aanwezigen,

“Onder invloed van onder andere de herwaardering van ambachten is de keramiek bezig aan een comeback. De interesse voor dit materiaal maakt het bij uitstek mogelijk om niet zozeer vanuit een concept, maar vanuit het maken werk te ontwikkelen. Voor kunstenaars is dit een zeer belangrijk aspect dat echter in de wereld van de hedendaagse kunst verwaarloosd wordt. Kunst wordt nu vrijwel volledig vanuit taal ontwikkeld. Waar taal echter pas na de ervaring komt, en opereert vanuit reflectie, vraagt de keramiek aandacht voor kunst waarbij het maakproces betekenisvol is en invloed heeft op het eindresultaat. Tegenover taal, concept, positionering en strategie zet keramiek de synergie tussen materiaal, methode en betekenis.”

Deze tekst schreef ik voor een stichting ter promotie van monumentale keramiek waar wij destijds bestuurslid van waren in december 2006 samen met Anton Reijnders (filosoof, beeldend kunstenaar, docent, één van degene die de selectie van de kunstenaars voor deze tentoonstelling deed). Twaalf jaar later is veel hiervan nog steeds actueel. Maar veel ook niet. Van de glorieuse staat waarin de keramiek zich bevindt getuigt deze tentoonstelling op een prachtige manier. Piet Augustijn, voorzitter van de Werkgroep Triënnale, schrijft hier al over in de bijzondere catalogus die bij deze tentoonstelling verschijnt. En ik wil daar het mijne aan toevoegen. Dat doe ik niet omdat ik u moet overtuigen. U – experts, professionals, kennis hebbende geïnteresseerden, de crème-de-la-crème van de internationale keramiek - u weet dit allemaal al. Ik doe het vooral om de deelnemende kunstenaars en alle mensen die deze tentoonstelling mogelijk maakten te eren.

Allereerst: Ik ken geen materiaal dat zo weinig glamour heeft, zo weinig betekenis in zichzelf draagt als keramiek. Een materiaal dat uit zichzelf niets wil, modder is, krijgt uitsluitend betekenis door de bewerking en de verbeelding van diegene die het vormt. Dit is geen klacht, ik zie dat als een kracht. Klei provoceert de maker om met een uitgesproken verlangen het materiaal te vormen en er leven in te blazen. Kunstenaars als Paula Bastiaansen, Heidi Hentze, Tiia Matikainen en Corinne Vorwerk-Smaal getuigen in hun beelden van verbeelding door het materiaal te transformeren en te bezielen.

 Keramiek is bovendien een hele lijfelijke en ambachtelijke kunst: met kennis van zaken met je handen in de materie wroeten. Het maakproces van keramiek is zo niet alleen een productiemethode, maar veeleer een methode van werken. Kenmerkend voor het werken met keramiek is namelijk de gelaagdheid van het maakproces. Het onderscheidt zich van het gebruik van andere materialen doordat het werken naar een eindproduct verschillende stappen kent, waarbij steeds een metamorfose optreedt die het loslaten van een oorspronkelijk bedacht idee noodzakelijk maakt en constant opnieuw te kijken en herijken van aanvankelijke gedachten provoceert. De maker geeft bovendien een deel van de realisatie uit handen tijdens het krimpen van de klei en tijdens het stoken in de oven voor biscuit en glazuur stook. Door dit maakproces in verschillende stappen gaat het eindresultaat verder dan vooraf gedacht kon worden. In de Westerse cultuur, waar controle en het individu centraal staan, genereert dit uit handen geven van een deel van het maakproces, en dit gedeeltelijke gebrek aan controle over het maken de keramiek een lage status. Maar niet bij Skuja Braden, Helmie Brugman, Antonie Eikemans, Susan Nemeth, Eglė Einikytė-Narkevičienė, Nathalie Schnider-Lang en Nichola Theakston, die als magiërs dit spel spelen van beheersing en uit handen geven.

 Deze editie van de Keramiek Triënnale focust op figuratieve, sculpturale keramiek. Keramiek is een materiaal dat in de geschiedenis van de sculptuur een relatief onbeschreven blad is. Hoewel klei en keramiek in de geschiedenis van de beeldhouwkunst van groot belang zijn geweest (denk aan de prehistorische Moeder Aarde figuren, het terracotta leger in China, Della Robbia in de Westerse renaissance, keramische sculpturen van alle veel moderne klassieken zoals Gauguin, Rodin, Picasso, Leger, Appel, Fontana en Miro) heeft de sculpturale keramiek geen eigen terrein in de geschiedenis verworven. In dat perspectief is het niet zozeer een materiaal van deze tijd, als wel een materiaal voor deze tijd. In een tijdsgewricht die bepaalt wordt door de waan dat alles gaat over objectiviteit, snelheid en beschikbaarheid stelt keramiek eisen als geduld, traagheid en concentratie. In plaats van deze tijd te weerspiegelen door te tonen wat er al is, voegt veel figuratieve, sculpturale keramiek toe wat er in het heden vaak ontbreekt: traagheid, handwerk, ambacht en rijpheid, kortom 'slow sculpture', zoals duidelijk te zien is in het werk van Alida Everts, Teja van Hoften, Marga Knaven, Jeanne Magnenaten, Hasan Sahbaz, Remy Dubibe, Peter Hiemstra, Marijke Janssen, Ad van Lieshout en Marieke Pauwels.

 Sculpturale keramiek nu probeert vanuit het ambacht en vanuit persoonlijke achtergronden van kunstenaars een positie binnen de beeldende kunst te vinden. Zo bezien is ambachtelijkheid – met name die in de keramiek – ook een wijze van zelfbeschikking: maken als een manier om grip te krijgen op het onbekende, een manier om allerlei aspecten van de wereld naar je eigen hand te zetten, de wereld vorm te geven, een eigen kader te geven en te begrijpen. Zo is het maken van keramische sculpturen net alleen een vorm van zelf verwerkelijking van de kunstenaar, in het eindproduct zit de ervaring van de maker opgesloten. Deze ervaring is voor een kijker opnieuw ervaarbaar en wordt zo deelbaar, is verbindend en louterend. In een wereld die in toenemende mate abstract en onpersoonlijk wordt is dat een groot goed, wat te zien is in de beelden van Dorine Camps, Karin Schösser, Mirjam Veldhuis, Ieva Bertašiūtė, Patrick Crulis, Chris Rijk en Hendrik Schink.

 Geen mens kan zonder symbolen. Symbolen brengen structuur in hoe wij onszelf en de werkelijkheid ervaren. Voor een samenleving is het niet anders. “Iedere cultuur”, schreef de antropoloog Claude Lévi-Strauss, ”is een geheel van symbolische systemen, waarbij de taal, het huwelijk, de economische betrekkingen, kunst, wetenschap en religie de voornaamste plaats innemen.” Die symbolische systemen ordenen ons gevoelsleven, comprimeren wat voor ons complex en extreem is, vormen een brug tussen het persoonlijke en het sociale, het bewuste en het onbewuste, het alledaagse en het onbevattelijke. “Een symbool kan verenigen, troosten en sterken. Het kan ons ook op volle kracht raken in het hart van onze verbeeldingswereld” schreef Anna Tilroe NRC Handelsblad 17 december 2004 Zij riep kunstenaars op om nieuwe symbolen te maken, waardige symbolen zonder zoetsappig karakter. Daarin ligt de mogelijkheid werk te maken dat zich verhoudt met het leven en zich zo verbindt met de wereld. Tilroe: “Misschien trekt het de kunst over haar zelf opgelegde grenzen heen, recht in het hart van onze samenleving. Want we snakken naar symbolen die authentiek, betekenisvol en bezielend zijn.” En zie, figuratieve, sculpturale keramiek is bij uitstek geschikt voor deze taak, zoals André te Dorsthorst, Anna Dorothea Klug, Yves Malfliet, Claire Murray, Reinhilde Van Grieken en Pablo Ponce laten zien.

 Tenslotte: Klei vertedert, het heeft vaak ook iets onbeholpens. Het ritueel om de echte klei met natte lappen vochtig houden om er later mee verder te kunnen gaan, van stoken en glazuren blijft magisch. Klei is zo – wat mij betreft - anti intellectualistisch, huiselijk, zoals je in het dagelijkse leven het geluk kunt vinden op weg naar de bakker om een brood te kopen - de zon schijnt en je voelt je gewoon blij - zo vertedert keramiek. Geluk in het kleine alledaagse, het opnieuw ontdekken door verwondering. Keramiek is door deze kwaliteiten een effectief breekijzer om de officiële kunst open te breken.

 Als gezegd: Keramiek is niet het materiaal van deze tijd maar voor deze tijd. Het voegt toe wat hard nodig is, traagheid, geduld en technisch kunnen. En vertedering en verwondering. En dat kunnen we ook best gebruiken.

 Ik dank u voor uw aandacht en wens u veel kijkplezier!